
De lokale economie is vooral gebaseerd op landbouw. Er worden in de regio gierst, mais, sorghum en rijst gecultiveerd. Daarnaast vind je er ook bananen, mangos en diverse groenten. Heel wat boeren verbouwen ook een beperkte hoeveelheid katoen. In vrijwel alle dorpen worden geiten en kippen gekweekt, voor eigen gebruik of om te verkopen.
| 
Op lokale weekmarkten worden landbouwprodukten, huisraad en kledij verhandeld. Ze fungeren ook als ontmoetingsplaatsen. Een bekende markt is die van het grensstadje Baguera die om de zes dagen plaatsvindt. Deze markt wordt druk bezocht door mensen uit zowel Burkina Faso, Mali als Ivoorkust. De Senoufo staan bekend om hun verfijnde houtsnijkunst. Een deel daarvan vindt zijn weg naar winkels en markten in Bobo Dioloussou en de hoofdstad. | Sporadisch toerisme zorgt tussen november en maart voor een beperkte bron van inkomsten. Slechts een relatief kleine groep van mensen kan hiervan een graantje mee pikken. Het gebied heeft wel een belangrijk potentieel op dit vlak. |
|